Achtergrond: Sauber's vierhonderdste GP-weekend

Achtergrond: Sauber's vierhonderdste GP-weekend

25 oktober 2015 – Als de weergoden geen roet in het eten gooien, rijdt Sauber zondag in haar vierhonderdste Grand Prix-weekend. Het team van naamgever Peter Sauber debuteerde in het jaar 1993 in de hoogste autosportklasse, na jarenlang in de sportscars actief te zijn geweest. GPUpdate.net neemt u mee door de historie van de Zwitserse formatie.



Peter Sauber bouwt in 1970 zijn eerste racewagen. De Zwitser doet mee aan enkele heuvelklim-races, maar zonder al te veel succes: zijn rijkwaliteiten blijken niet zo goed als zijn bouwkunsten. Sauber beleeft zijn finest moment in het pre-F1-tijdperk met een zege op Le Mans (1989), met de legendarische Group C- Sauber Mercedes C9. Mercedes speelt een belangrijke rol in de stap naar de Formule 1, want het laat Sauber met een door Ilmor getunede krachtbron in de F1 debuteren. De Oostenrijker Karl Wendlinger en de Fin Jyrki Järvilehto (die door zijn manager Keke Rosberg werd aangeraden om het pseudoniem 'JJ Lehto' aan te nemen, vanwege zijn moeilijk uit te spreken naam) zijn de coureurs van dienst.

De Fin kwalificeert de wagen op een zeer knappe zesde positie, Wendlinger sluit aan op P10. Na een goede start liggen de mannen aanvankelijk op de vierde en de vijfde plaats, maar Lehto moet zijn wagen vroeg naar binnen sturen vanwege een mechanisch probleem. De Fin kan zijn weg wel vervolgen, maar komt als laatste de baan weer op. Wendlinger heeft lang zicht op een sensationele podiumplaats, maar de Oostenrijker haalt de helft van de wedstrijd niet. Lehto knokt zich terug naar een nette vijfde plaats en scoort zodoende Sauber's eerste WK-punten.

Lehto en Wendlinger laten zo nu en dan hele mooie dingen zien met de zwarte bolides. De Fin scoort een vierde plek op Imola en zijn teamgenoot pakt met een handjevol vijfde en zesde finishplaatsen zeven punten. Sauber sluit haar eerste F1-seizoen af met een zevende plaats in de eindrangschikking. Lehto wordt in de daaropvolgende winter verkocht aan Benetton, Sauber vult de ontstane leegte in met protégé Heinz-Harald Frentzen. De jonge Duitser zet prima prestaties neer in wat een voor Sauber moeilijk seizoen is. Wendlinger beleeft een zeer zwaar ongeluk tijdens de prékwalificatie in Monaco. De Oostenrijker ligt twee weken in een coma, maar overleeft de klap.

Frentzen laat in 1995, enigszins geholpen door het geluk, het eerste podium van de Zwitserse stal noteren. 'HHF' wordt derde in de Grand Prix van Italië. Wendlinger vangt het seizoen aan, maar heeft niet meer de snelheid van voor zijn ongeval. F3000-kampioen Jean-Christophe Bouillon vervangt Wendlinger, maar ook de Fransman komt niet in de schaduw van Frentzen. Voor '96 weet Sauber Johnny Herbert te strikken. De Brit voegt een tweede podium toe aan het conto van de Zwitsers, met P3 in de verregende GP van Monaco, maar het is Frentzen die de bestgeklasseerde Sauber-coureur is in de WK-eindstand. De Duitser promoveert naar Williams.

Sauber doet een deal met Ferrari, dat hem vanaf 1997 van krachtbronnen voorziet. Elk weekend lopen er meerdere Ferrari-monteurs in de Sauber-pitbox en de Scuderia ondersteunt het in Hinwil gevestigde team motorisch gezien op bijna elk vlak. Nicola Larini, Gianni Morbidelli en Norberto Fontana weten niets uit te richten met de bolide met startnummer zeventien. Herbert daarentegen sprokkelt vijftien punten bijeen, en weet in Hongarije andermaal een podiumpositie op te eisen.

Jean Alesi komt de gelederen versterken in 1998. De C17 is een ramp: zowel de Fransman als Herbert weet er weinig raad mee. Alesi haalt het podium in België, maar dat komt vooral door de vele uitvallers. Herbert komt niet verder dan één puntenfinish. De Brit neemt aan het eind van het seizoen de benen richting Stewart, en het geld van Pedro Diniz doet de Braziliaanse paydriver in Hinwil arriveren. Diniz weet de voorpagina's alleen te halen door een spectaculaire koprol op de Nürburgring, waarbij de voormalig Arrows-rijder van geluk mag spreken dat hij geen letsel oploopt.

Na een goede invalbeurt bij Ferrari mag Mika Salo in het jaar 2000 zijn kunsten vertonen in een Sauber. De Fin weet een aantal keren in de punten te geraken, maar is weg als Toyota hem verleidt hun nummer-één rijder te worden. Sauber maakt een grote gok door in 2001 broekies Nick Heidfeld en Kimi Räikkönen in te zetten, maar het risico betaalt zich uit met een waanzinnige vierde plaats in het constructeurskampioenschap. Heidfeld wordt derde in de GP van Brazilië en Räikkönen, die aanvankelijk een superlicentie voor slechts vier races krijgt, laat zien niet zomaar de eerste de beste te zijn.

In de daaropvolgende jaren is Sauber een sterke middenmoter in de Formule 1. Met Felipe Massa haalt men wederom een jong talent in huis, die een jaar na zijn debuut toch even pas op de plaats moet maken voor oude rot Frentzen. Massa keert in 2004 terug, en weet aan de zijde van een sterk presterende Giancarlo Fisichella Sauber naar een zesde plaats te brengen. Fisichella's vertrek naar Renault ziet Jacques Villeneuve aansluiten bij de mannen uit Hinwil, maar de voormalig kampioen is dan al enigszins op zijn retour. Massa laat hem meermaals alle hoeken van het circuit zien en mag zich opmaken voor een lange Ferrari-carrière.

Na negen seizoenen van Ferrari-steun wordt de knop omgezet. Peter Sauber verkoopt zijn team aan BMW, dat Heidfeld terughaalt naar Hinwil. Zodra Villeneuve wordt vervangen door Robert Kubica kan het fabrieksteam zich meten met de groten binnen de F1. De Duitser en de Pool wisselen meerdere podia af en in 2008 wordt dan eindelijk die felbegeerde overwinning behaald. Kubica stuurt zijn wagen naar een overwinning in Canada; Heidfeld completeert het feest met een tweede plek. BMW Sauber lijkt zich te kunnen opmaken voor een titelstrijd, maar McLaren en Ferrari blijken toch een maatje te groot.

De reglementswijzigingen van 2009 slopen de kansen van het team. BMW Sauber heeft moeite met de aërodynamische nieuwigheden en halen het niveau van het voorgaande jaar niet meer. Kubica schuift op Interlagos als tweede aan op het podium, maar hij en Heidfeld moeten het met een zwaar teleurstellende dertiende en veertiende plek in de eindstand doen. BMW trekt zich, mede door het zware financiële weer van de kredietcrisis, terug uit de Formule 1 en Peter Sauber moet zijn 'kindje' noodgedwongen terugkopen om het in leven te houden.

Met Kamui Kobayashi en Pedro de la Rosa is er in 2010 een mix van jong en oud, waarbij vooral de Japanner uitblinkt. De la Rosa wordt ingeruild voor oude bekende Heidfeld, die voor 2011 zijn zitje afstaat aan Sérgio Pérez, die in 2012 schittert. De Mexicaan rijdt pardoes naar leider Fernando Alonso in de Maleisische regen en lijkt de race bijna te gaan winnen, alvorens hij een foutje maakt. P2 is alsnog een geweldig resultaat voor de jongeling. Ook in Canada (derde) en op Monza (tweede) noteert Pérez ijzersterke resultaten, waardoor hij naar McLaren kan. Kobayashi haalt voor eigen publiek een mooie derde plek, maar moet aan het eind van het jaar wijken voor Esteban Gutierrez, die aardig wat centen meeneemt.

Nico Hülkenberg rijdt in 2013 voor Sauber. De wagen is in eerste instantie een hok, maar na de zomerupdates kan de Duitser met de subtop meedraaien. Het levert goede punten op, maar de Emmeriker weet dat Sauber niet de équipe is die hem verder omhoog brengt en verkast terug naar Force India. In 2014 beleeft Sauber haar ultieme dieptepunt door met Adrian Sutil en Gutierrez geen enkel punt te behalen. Het vriendschappelijke imago van de Zwitsers loopt in de daaropvolgende winter een stevige tik op doordat contracten niet worden nageleefd. Zowel Giedo van der Garde als Sutil wordt een racestoeltje voor 2015 beloofd, maar in Albert Park staan Felipe Nasr en Marcus Ericsson aan de start.

Dit jaar komt Sauber weer enigszins aan het niveau van voorheen: na vijftien races staat de teller op 34 WK-punten, 25 voor de Braziliaan en negen voor de Zweed. Beide rijders zijn inmiddels bevestigd voor 2016.

Door: René Oudman

gerelateerd

Reacties

Meer nieuws

  1. zaterdag 24 oktober 2020

  2. vrijdag 23 oktober 2020