In beeld: tien debutanten in zes jaar voor Manor Racing

In beeld: tien debutanten in zes jaar voor Manor Racing

18 augustus 2016 – Met het aanstellen van Esteban Ocon zorgt de stal van Manor, die in het verleden door het leven ging als Virgin en Marussia, ervoor dat men voor de tiende keer een debutant op de grid brengt. Dat is bijzonder, aangezien de stal nog maar zes en een half jaar aanwezig is op de Formule 1-grid. GPUpdate.net neemt je mee langs het rataplan dat door de formatie uit Banbury aan de start verscheen.

2010: Lucas di Grassi



Nadat Manor als een van de drie gelukkigen de tender van de FIA won in het voorjaar van 2009, mocht de gang naar de Formule 1 worden ingezet. Richard Branson kocht de stal op en doopte het om in Virgin Racing, naar het gelijknamige platenlabel van de zakenman. Timo Glock, die zonder stoeltje was gekomen nadat Toyota de sport de rug toekeerde werd als eerste rijder aangesteld, Lucas di Grassi mocht zijn debuut maken. Verder dan een veertiende plaats kwam de Braziliaan, die later furore zou maken in het WEC en in de Formule E, dat jaar niet.

2011: Jérome d'Ambrosio

Een jaar later zat de hedendaagse FE-rivaal van Di Grassi, D'Ambrosio achter het stuur. De Belg kon evenmin potten breken: in de wagen van de tot Marussia Virgin hernoemde stal werd net als Di Grassi slechts eenmaal een veertiende plaats gescoord. Na zijn congé bij de stal van Branson, die inmiddels in Russische handen was gevallen, werd D'Ambrosio testrijder van Lotus, waarvoor hij de Italiaanse Grand Prix van 2012 mocht rijden als vervanger van de geschorste Romain Grosjean.

2012: Charles Pic

Tja, wie herinnert zich deze Fransman nog? Charles Pic was in 2013 de teamgenoot van Giedo van der Garde, maar hij debuteerde een jaar eerder. Aan de hand van Glock werd een derde rookie gebracht, en waar deze prompt de hoogste klassering van het drietal liet noteren met een twaalfde plaats in de Braziliaanse GP, verdween hij daarentegen na de F1 compleet van de radar. Pic is tegenwoordig co-commentator bij de Franse televisie, zijn broertje Arthur rijdt zijn rondjes in de GP2.

2013: Jules Bianchi

Het grootste talent dat in de Marussia-tijd werd gebracht, was ontegenzeggelijk Jules Bianchi. De rappe Fransman deed zijn voorgangers verbleken met een aantal briljante prestaties, met als hoogtepunt de negende finishplaats tijdens de GP van Monaco in 2014. Hoe goed hij daadwerkelijk zou zijn geweest in een F1-wagen zullen we helaas nooit te weten komen, doordat hij driekwart jaar na een verschrikkelijk ongeval te hebben beleefd, overleed.

2013: Max Chilton

Tegelijkertijd mocht ook Max Chilton zijn F1-debuut maken, dankzij de zak geld die hij meekreeg van vaderlief. De Brit was geen Lewis Hamilton, maar deed alles naar eigen kunnen zo goed mogelijk en presteerde het om in alle races in zijn debuutseizoen aan de meet te geraken. Dat dat meestal op flinke achterstand was, soit. Chilton rijdt inmiddels in de IndyCars en laat daar zo af en toe wat leuks zien, maar kan zeker tot de B-garnituur worden gerekend.

2015: Roberto Merhi

Nee, het team van Manor liep vorig jaar niet over van het talent. Naast de in de Grand Prix van Abu Dhabi 2014 voor Caterham gedebuteerde Will Stevens mocht Roberto Merhi gedurende veertien races aan het stuur van de MR03B draaien. Maar dát men überhaupt aan de start verscheen, was al genoeg reden tot vreugde. Manor was als een fenix uit haar as herrezen na in het najaar van 2014 failliet te zijn verklaard. Merhi is na zijn kortstondige F1-avontuur verkast naar het WEC, waarin hij tevens voor Manor in een LMP2-wagen rijdt.

2015: Alexander Rossi

In de slotfase van het vorige seizoen was het dan eindelijk zo ver voor de Californiër Alexander Rossi. Na jaren te hebben gewacht én bijna zijn F1-debuut te hebben gemaakt op Spa-Francorchamps in 2014, stond Rossi in Singapore aan de start. De Amerikaan liet een aantal behoorlijke prestaties noteren en gaf collega Stevens direct goed partij. Maar waarom achteraan rijden in de F1 voor een hoop geld, als je verschrikkelijk veel centen kan verdienen vooraan in de States? Rossi beproefde zijn geluk in de IndyCar Series en won pardoes de belangrijkste race van het jaar, de Indianapolis 500, en dat ook nog in haar jubileumeditie.

2016: Pascal Wehrlein

Een jongen van het kaliber Bianchi: Pascal Wehrlein is dé grote toekomsthoop van Mercedes. De 21-jarige Duitser heeft er af en toe moeite mee om constant te presteren, maar zorgde voor de grootste jubel in jaren door een tiende plaats (en zodoende een felbegeerd puntje) te scoren in de Grand Prix van Oostenrijk. Wehrlein gaat een grote toekomst tegemoet, mits hij zich door weet te ontwikkelen.

2016: Rio Haryanto

Deze altijd goedgemutste en nederige Indonesiër, die al dankbaar was om een half seizoen met de grote jongens mee te mogen draaien, deed het eigenlijk nog niet eens zo heel verkeerd. In vergelijking met Wehrlein kwam hij af en toe als de winnaar uit de bus, al had Rio Haryanto dankzij de GP2 natuurlijk veel meer baankennis dan Wehrlein, die de afgelopen jaren amper buiten Duitsland kwam. Hoe de toekomst eruit ziet is een raadsel, Haryanto blijft aan Manor verbonden maar doet dat eigenlijk slechts in een PR-functie. Niettemin is de Indonesiër vastberaden om terug te keren op de grid.

2016: Esteban Ocon

Voordat hij ook nog maar een meter heeft afgelegd in de Manor MRT05 is Esteban Ocon al een van de meest besproken rijders van de grid. Kan hij brengen wat de insiders over hem roepen? Is Ocon de nieuwe Bianchi, de nieuwe Alesi of misschien dan eindelijk wel de nieuwe Alain Prost? Only time will tell ..

gerelateerd

Reacties

Meer nieuws

  1. donderdag 21 november 2019

  2. woensdag 20 november 2019

  3. dinsdag 19 november 2019