In beeld: Williams, inmiddels veertig jaar in de Formule 1

In beeld: Williams, inmiddels veertig jaar in de Formule 1

9 mei 2017 – In de tweede week van mei 1977 maakte Frank Williams een doorstart als Formule 1-teambaas. In het verleden had de Brit jarenlang wagens ingeschreven onder de noemer Frank Williams Racing Cars, een samenwerking met de Canadese industrieel Walter Wolf eindigde niet in het gewenste resultaat. Vanaf '77 moest het anders: de eerste race van het 'nieuwe' Williams, het team zoals dat vandaag de dag nog actief is in de F1, was in het Spaanse Jarama.



Dit was de allereerste wagen van Williams Grand Prix Engineering - en stiekem is het een March. Patrick Nève, een begaafde Belg, stuurt de veredelde bolide uit 1976 naar een twaalfde plaats in de debuutrace. Op Monza is hij het dichtst bij een puntenfinish: Nève, die eerder dit jaar overleed, werd destijds zevende.

Via Arabische investeerders, waaronder de familie Bin Laden, stromen de centen binnen die een competitieve Formule 1-auto mogelijk maken. In juli 1979 wordt de eerste overwinning dan ook al gescoord, rijder van dienst is Clay Regazzoni. Williams gaat het seizoen 1980 als één van de topfavorieten in, nadat Regazzoni's teammaat Alan Jones na de zege van de Zwitser nog viermaal weet te winnen.

In hun vierde seizoen samen worden Frank Williams en hoofdontwerper Patrick Head al wereldkampioen. Jones kent een wisselvallig begin met drie podiumplaatsen en drie uitvalbeurten in de eerste zes races, maar stelt orde op zaken in de zomer.

Carlos Reutemann grijpt in 1981 nét naast de titel, een jaar later is het echter voor de tweede keer raak. Keke Rosberg, de vader van regerend wereldkampioen Nico Rosberg, kroont zich na een bizar seizoen in Las Vegas tot kampioen. De besnorde Fin scoort in zestien races 'slechts' 44 punten: aangezien al zijn concurrenten wegvallen door ongevallen of mechanische pech, is het genoeg om de titel te grijpen.

Het verhaal van de inmiddels 75-jarige Frank Williams eindigt bijna in 1986, wanneer hij in het voorseizoen een zwaar auto-ongeluk meemaakt. De Brit loopt een dwarslaesie op en is sindsdien aan een rolstoel gekluisterd. Op de foto wordt hij, ten tijde van zijn comeback in de paddock in Brands Hatch, geflankeerd door Nigel Mansell en Nelson Piquet. Het tweetal zou lange tijd strijden om de titel, maar verloor deze in de slotrace aan Alain Prost.

De kampioenschapsbokaal keert een jaar later echter alweer terug naar Didcot, als Piquet de laatste van zijn drie wereldtitels verovert. De Braziliaan vecht een jaar lang duels uit met teammaat Mansell, als deze een smak maakt op het circuit van Suzuka is de strijd gestreden.

Na de dominante jaren van McLaren-Honda (1988-'91) slaat Williams keihard terug. In '92 domineert Mansell met harde hand, om zo op 39-jarige leeftijd alsnog zijn felbegeerde F1-titel te pakken. Een jaar later beschikt Williams over de diensten van Prost, die zijn pijlsnelle FW15C naar het kampioenschap stuurt.

Frank Williams heeft al jaren een oogje op Ayrton Senna, de Braziliaan wil gewoonweg de beste auto onder zijn achterste. Samen met Prost in één team is geen optie, maar als deze zijn afscheid aankondigt leiden alle wegen ineens naar Grove, waarheen Williams is verhuisd nadat Didcot te klein werd. Wat begon als een droom, eindigde in een verschrikkelijke nachtmerrie.

Damon Hill trekt na Senna's dood de kar, de Brit delft in 1994 en '95 het onderspit tegen de Benetton van Michael Schumacher. In '96 valt alles op zijn plaats en wordt Hill kampioen, Williams weet dan echter al genoeg. Hij richt al zijn pijlen op Jacques Villeneuve, die in '97 na een lang duel met Schumacher de titel weet te pakken. Het blijkt tot dusver de zevende en laatste, tevens wordt de negende en tot nu toe laatste constructeurstitel bijgeschreven.

Een samenwerking met BMW levert een aantal vruchtbare jaren op: Ralf Schumacher en Juan Pablo Montoya weten hier en daar wat zeges te pakken, het dominante Ferrari van Schumacher is echter een maatje te sterk. In zijn afscheidsrace op Interlagos weet Montoya zijn vier seizoenen bij Williams op de best denkbare manier af te sluiten met een zege.

Jarenlang gaat die overwinning van Montoya de boeken in als 'de laatste van Williams', tot Pastor Maldonado in het voorjaar van 2012 voor één van de grootste verrassingen van dit derde millennium zorgt. De Venezolaan is bloedjesnel op het Circuit de Catalunya, erft pole als Lewis Hamilton op zaterdagavond uit de kwalificatieuitslag wordt genomen en rijdt zich een dag later pardoes naar de zege. Sindsdien wacht men nog altijd op een nieuwe victorie, al komen Felipe Massa en Valtteri Bottas in 2014 een aantal malen dichtbij.

gerelateerd

Reacties

Meer nieuws

  1. zaterdag 19 oktober 2019

  2. vrijdag 18 oktober 2019