Achtergrond: titelontknopingen waar Vettel hoop uit put

Achtergrond: titelontknopingen waar Vettel hoop uit put

20 september 2017 – Sebastian Vettel had de Grand Prix van Singapore moeten winnen om zijn titelkansen in leven te houden, is een veelgehoorde mening. De zes circuits die het programma van 2017 moeten afsluiten zijn volgens kenners een kolfje naar de Mercedes-hand van Lewis Hamilton, die door het uitvallen van zijn Duitse rivaal op het Marina Bay Street Circuit uit is gelopen naar een voorsprong van 28 punten. Dat Vettel niet kansloos is bewijst het verleden: GPUpdate.net kijkt naar titelontknopingen waaruit de Ferrari-coureur hoop kan putten.

1964: John Surtees

Een voorbeeld waaruit blijkt dat opgeven nooit de juiste beslissing is, stamt uit 1964. John Surtees, actief voor Ferrari, komt in drie van de eerste vier Grands Prix niet aan de finish. Let wel: het Formule 1-seizoen bestaat in die tijd uit slechts tien wedstrijden. Met nog zes races voor de boeg heeft Surtees een achterstand van vijftien punten ten opzichte van leider Jim Clark, ook Graham Hill heeft een aardig gat geslagen: hij staat veertien punten los van zijn landgenoot. Dankzij een derde plaats, twee zeges, twee tweede plaatsen en een krankzinnige seizoensfinale (waarin Surtees slechts in de laatste ronde op titelkoers is) wordt de man die op twee wielen de beste van de wereld was, dat ook op vier wielen.

1976: James Hunt

Het legendarische seizoen 1976 leverde naast de film Rush ook een prachtstrijd op tussen tegenpolen Niki Lauda en James Hunt. De berekende Oostenrijker, die de dood in de ogen kijkt na een weerzinwekkende klap op de Nordschleife, komt amper zes weken na zijn verschrikkelijke ongeval terug op het circuit. Na het treffen op Brands Hatch staan er nog zes wedstrijden op het programma en Hunt moet dan 26 punten toegeven ten opzichte van Lauda, maar na een sterke run terwijl zijn rivaal in het ziekenhuis ligt, nadert de Britse charmeur de koppositie. Uiteindelijk wordt Hunt zelfs kampioen, aangezien Lauda het vertikt verder te rijden op een compleet verregend circuit van Fuji. Een derde plaats in de slotrace op het Japanse baantje is voldoende voor Hunt om de titel met één puntje voorsprong binnen te slepen.

1981: Nelson Piquet

Vijf jaar later strijden Carlos Reutemann (Williams) en Nelson Piquet (Brabham) een ijskoude strijd om de titel: voor het Zuid-Amerikaanse duo, waarvan de ene rijder over een bak ervaring beschikt en de ander net komt kijken bij de top van de Formule 1, komt het neer op de laatste race. Ondanks dat Piquet zes wedstrijden voor het einde nog tegen een achterstand van zeventien punten had aankijkt, iets wat met de puntentelling van vandaag de dag ongeveer 42 stuks zijn, verovert de Braziliaan de titel. Tijdens de seizoensfinale op de parkeerplaats van het Caesars Palace-casino in Las Vegas zit het Reutemann overigens niet bepaald mee: de Argentijn heeft een ongekende baaldag en ziet een tweede startplaats omgezet worden in een achtste plaats aan de eindstreep, waardoor Piquet hem op de slotdag het kampioenschap afhandig maakt.

2007: Kimi Räikkönen

Ook Kimi Räikkönen komt van grote achterstand naar de titel gevlogen: met nog zes races voor de boeg heeft de Fin in 2007, zijn kampioensjaar, twintig punten minder dan Lewis Hamilton. Een ijzersterk slot van het seizoen - waarin Räikkönen drie zeges scoort in de laatste vier wedstrijden - is in combinatie met twee slechte resultaten van Hamilton genoeg voor een sensationele titel. Aangezien de punten in 2007 nog onder het oude systeem worden verdeeld, is de achterstand die Räikkönen had te vergelijken met een hedendaags verschil van vijftig stuks.

2010: Sebastian Vettel

Vettel kan buigen op twee voorbeelden uit zijn eigen geschiedenis: eentje daarvan is afkomstig uit het seizoen 2010, waarin hij met nog zes races voor de boeg een achterstand van 31 punten heeft ten opzichte van de kampioenschapsleider - op dat moment Hamilton. Evenals Räikkönen in 2007 kent de Duitser een bijzonder sterke slotfase van de jaargang, al valt ook voor Vettel alles goed op zijn plaats in de laatste Grand Prix van het jaar. Door te zegevieren op het Yas Marina Circuit in Abu Dhabi en titelrivalen Fernando Alonso en Mark Webber niet verder te zien komen dan een zevende en een achtste plaats mag Vettel, die uiteindelijk vier puntjes overhoudt, met de titel pronken.

2012: Sebastian Vettel

Twee jaar later flikt de Duitser het weer: in 2012 heeft Vettel met nog zes Grands Prix op het programma 29 punten minder dan Alonso. Een masterclass in Azië (vier zeges in vier wedstrijden) wordt opgevolgd door een waanzinnige inhaalrace in Abu Dhabi, waar de toenmalig Red Bull-coureur vanuit de pits naar een podiumplaats snelt. Op het Autodromo José Carlos Pace in São Paulo lijkt de wereld van de destijds tweevoudig wereldkampioen na enkele bochten in te storten; een spin werpt hem terug tot in het achterveld, concurrent Alonso blijft gedurende de gehele wedstrijd voorin. Dankzij een felbevochten zesde plaats krijgt Vettel het tóch voor elkaar om de wereldtitel te prolongeren: Alonso komt drie puntjes tekort.

Door: René Oudman


gerelateerd

Reacties

Meer nieuws

  1. maandag 23 oktober 2017

  2. zondag 22 oktober 2017