Louis Chiron, illustere voorganger van Charles Leclerc

Louis Chiron, illustere voorganger van Charles Leclerc

4 december 2017 – Aan in Monaco woonachtige (oud-)Formule 1-coureurs geen gebrek. Denk aan Lewis Hamilton, Daniel Ricciardo en Max Verstappen. Échte Monegasken die tot de koningsklasse zijn doorgedrongen zijn daarentegen stukken zeldzamer. Charles Leclerc, die zaterdag bij Alfa Romeo Sauber werd bevestigd als racecoureur voor 2018, wordt nummer drie op deze lijst. Eén van zijn voorgangers is Louis Chiron. Een portret van een icoon.

Ook de jongste fans zullen de naam 'Louis Chiron' vast wel eens voorbij hebben horen komen. De organisatie van de Monegaskische Grand Prix heeft de eerste chicane (bocht 13/14) na Tabac de naam van de oud-coureur gegeven. Bovendien vernoemde Bugatti in het voorjaar van 2016 haar nieuwste sportwagen naar Chiron. De Monegask vierde in het verleden fraaie successen in dienst van het Franse merk.

Omdat de F1 pas in 1950 begon, is het palmares van Chiron in deze klasse niet heel indrukwekkend. Hij reed vijftien races, waarbij hij één keer het podium haalde. In het eerste jaar eindigde Chiron voor eigen publiek in Monaco als derde. In het F1-tijdperk was hij al redelijk op leeftijd. Sterker nog, toen Chiron meedeed aan de GP van Monaco in 1955 telde hij al 55 jaar en 292 dagen, waarmee hij nog steeds de oudste F1-coureur ooit is. Drie jaar later - hij was inmiddels 58 jaar en 288 dagen - probeerde Chiron zich nog, tevergeefs, te kwalificeren voor de wedstrijd in het prinsdom. Daarna verdween hij van het hoogste podium, maar zijn F1-erelijst is geen juiste afspiegeling van zijn kwaliteiten. Vooral in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw was hij één van de groten.

Chauffeur van legerkopstukken

Chiron, geboren op 3 augustus 1899 als zoon van twee werknemers van het Hôtel de Paris in Monaco, stond al op jonge leeftijd bekend om zijn rijderscapaciteiten. De Monegask, die al op zijn vijftiende rijlessen kreeg, was tijdens de Eerste Wereldoorlog chauffeur van onder meer Philippe Pétain en Ferdinand Foch, twee kopstukken van het Franse leger. Toch duurde het even voordat Chiron daadwerkelijk als coureur aan de slag zou gaan.
 
Na het einde van de Eerste Wereldoorlog begon Chiron als danspartner voor de rijkere dames in een Monegaskisch hotel. "Hij was heel knap, elegant en charmant. Alle vrouwen hielden van hem. Hij had altijd een lach op het gezicht en genoot van het leven", zegt Lydie Barre-Chiron op de officiële website van Bugatti over haar voorvader, wiens levensverhaal ze in boekvorm heeft opgeschreven. "Hij leefde echter helemaal voor auto's. Hij was volledig toegewijd aan de autosport, al het andere was van secundair belang voor hem."

Door autodealer te worden, kon Chiron van zijn liefde voor auto's zijn werk maken. Deze functie bracht hem in contact met Bugatti-dealer en voormalig coureur Ernest Friderich en Ettore Bugatti. Zij lieten hem kennismaken met de autosport. Daarin zette Chiron achter het stuur van een Brescia Bugatti in 1925 met het heuvelklimmen in Zuid-Frankrijk zijn eerste stappen. "Louis had veel bewondering voor Ettore Bugatti. Vandaag de dag had je waarschijnlijk gezegd dat ze op dezelfde golflengte zouden zitten. Precisie, respect en perfectie waren kernwaarden die ze deelden", vertelt Barre-Chiron.

Bugatti Type 35 als cadeau

Een Bugatti Type 35 stond aan de basis van de succesvolle carrière van Chiron. Hij kreeg de wagen voor het seizoen 1926 cadeau van Alfred Hoffmann, erfgenaam van het farmaceutische bedrijf Hoffmann-La Roche, omdat hij diep onder de indruk van Chirons racevaardigheden was. De Comminges Grand Prix, de eerste serieuze circuitrace die hij afwerkte, leverde Chiron direct een overwinning op.

Na ook een succesvol 1927 werd de op dat moment 28-jarige Chiron de belangrijkste fabriekscoureur van Bugatti. In 1928 zegevierde hij met de Type 35C op locaties als Rome, Reims, San Sebastian en Monza. Ook in de vier jaar daarop konden Chiron en Bugatti de nodige triomfen bejubelen, met als hoogtepunt zijn zege in Monte Carlo. Anno 2017 is Chiron nog steeds de enige Monegask die erin is geslaagd de Grand Prix in de dwergstaat te winnen. Barre-Chiron: "Hij was ontzettend trots op die prestatie. Wist je trouwens dat hij naast een uitstekend coureur ook een topatleet was? Hij rookte niet en dronk niet. Eigenlijk deed hij niets te veel. Om fit te blijven, deed hij aan skiën en wielrennen."

Stevige discussies met manager

In 1933 trok Chiron de deur van de Bugatti-fabriek achter zich dicht. "Zijn verstandhouding met toenmalig manager Meo Costantini was niet goed", licht Barre-Chiron toe. "Ze waren allebei heel sterke persoonlijkheden en Chiron was vaak eigenwijs, wat tot stevige discussies leidde. Daarom is Chiron vertrokken bij Bugatti." Chiron richtte samen met Rudolf Caracciola zijn eigen team 'CC' op, maar dat avontuur was van korte duur omdat laatstgenoemde lange tijd uit de roulatie was na een crash in Monaco.

Daarna was Chiron nog verbonden aan onder meer Ferrari, Alfa Romeo, Mercedes en Lancia. Na zijn Bugatti-tijdperk waren vier zeges in de Grand Prix van Frankrijk (tussen 1934 en 1949) en de winst van de rally in zijn Monte Carlo (1954) de meest memorabele momenten in de carrière van Chiron. In de 24 uur van Le Mans had de Monegask minder succes. Negen keer stond hij aan de start, negen keer kwam hij niet aan de finish.

Vrouwelijke collega vals beschuldigd

Chiron was volgens Barre-Chiron een geliefd persoon in de racewereld: "Iedereen, bijvoorbeeld zijn collega-coureurs en monteurs, was belangrijk voor hem. Daarnaast was hij toegewijd aan het verbeteren van de veiligheid in de autosport. Het was op zijn advies dat veiligheidsgordels en -brillen verplicht werden." Wel had Chiron ook zijn negatieve kanten. In 1949 beschuldigde hij Hellé Nice, die wordt beschouwd als één van de beste vrouwelijke coureurs ooit, van het hebben van banden met de nazi's tijdens de Tweede Wereldoorlog. Waarom hij dat deed, is niet duidelijk. Bewijs voor zijn standpunt is ook nooit gevonden, maar de carrière van Nice was voorgoed voorbij.

Na zijn afscheid als coureur was Chiron nog racedirecteur van de Monegaskische Grand Prix en runde hij een raceschool in Modena. Hij overleed op 22 juni 1979. Anno 2017 wordt Chiron nog herinnerd met een borstbeeld naast het Circuit de Monaco (zie kopfoto). Niemand in de familie Chiron heeft de racegenen van Louis meegekregen. Barre-Chiron: "Ik zie Ayrton Senna als zijn geestelijk opvolger. Hun karakter was heel vergelijkbaar en ze pakten de dingen op dezelfde manier aan." In 1994 haalde Olivier Beretta als tweede Monegask de F1; hij reed, zonder punten te pakken, negen races voor het bescheiden Larrousse. Aan Leclerc de taak om in de Monegaskische voetsporen van Chiron te treden.

Door: Rahied Ishaak

De Talbot-Lago waarmee Chiron in 1949 de GP van Frankrijk won, tijdens een demo op Watkins Glen in 1976:


gerelateerd

Reacties

Meer nieuws

  1. dinsdag 12 december 2017

  2. maandag 11 december 2017

  3. zondag 10 december 2017

  4. zaterdag 9 december 2017

  5. vrijdag 8 december 2017