Special: Hoe Lauda een glorieuze Formule 1-comeback maakte

Special: Hoe Lauda een glorieuze Formule 1-comeback maakte

4 april 2020 – Wijlen Niki Lauda staat prominent in de geschiedboeken als drievoudig wereldkampioen Formule 1. Twee titels behaalde hij voor zijn eerste afscheid in 1979, eentje volgde erna. GPUpdate.net gaat terug in de tijd, naar de bijzondere rentree van Lauda in 1982. En meer specifiek naar zijn zege in de Amerikaanse GP, vandaag precies 38 jaar geleden.



Maar we moeten eerst terug naar september 1979. De Grand Prix van Canada staat op het menu. Traditiegetrouw beginnen alle coureurs met de vrije training. Business as usual zou je zeggen. Maar ditmaal niet. Na slechts enkele rondjes in de Brabham BT49 vindt Lauda het best. En niet voor even, nee voorgoed. Hij stapt gedecideerd op teambaas Bernie Ecclestone af en zegt 'zat te zijn van het ellendig lang rondjes rijden'. Dat er al een lucratief contract voor volgend seizoen ligt, interesseert hem niks. Dat na Canada ook de Amerikaanse GP nog op het programma staat evenmin.

Het is schluss. Lauda vertrekt. Hij stapt op het vliegtuig naar Amerika. Geen Canadese Grand Prix voor hem. Bij Brabham - of dat jaar formeel het Parmalat Racing Team - blijft men verbijsterd achter. Maar de realiteit liegt niet. Men moet het vanaf nu zonder de sterrijder stellen. Ricardo Zunino wordt bij gebrek aan beter opgetrommeld als vervanger. Ecclestone zegt hem een kans te willen geven, maar de praktijk is anders. Er is doodgewoon geen andere optie en nood breekt wet. De Argentijn zal de race als zevende finishen, twee stekjes voor Jan Lammers.

Maar goed: terug naar Lauda. De wereldkampioen van 1975 en 1977 besluit dus met de noorderzon te vertrekken en zich volledig op zijn luchtvaartmaatschappij te storten. Hij had Lauda Air in april 1979 al opgericht en lijkt vastberaden om het bedrijf succesvol te maken. De dadendrang is er nog steeds, maar verschuift van het sportieve naar het zakelijke toneel. Zozeer zelfs dat Lauda een jaar nauwelijks Formule 1 kijkt. Het seizoen 1980, waarin Zunino nog zeven races mag aanmodderen en Alan Jones als tweede Australiër kampioen wordt, gaat grotendeels aan hem voorbij.

Maar oude liefde roest niet. Het blijkt andermaal als Lauda in 1981 als TV-analist een bezoek brengt aan de Oostenrijkse Grand Prix. Eigenlijk aan 'zijn' Oostenrijkse Grand Prix. Uitgerekend daar begint het weer te kriebelen. Als het niet door de sport zelf komt dan is het wel door de uitdaging. De uitdaging van terugkeren op het allerhoogste niveau. Of zoals hij het later in zijn boek zou schrijven: "Ik wilde weten of ik het nog zou kunnen. Vooral in mentaal opzicht. Als ik de knop in mijn hoofd zou kunnen omzetten, dan hoefde ik absoluut niet bang te zijn voor nieuwe coureurs als Pironi, Prost, Villeneuve, Rosberg en Piquet. Ze zouden me niet intimideren."

De eerste stap bestaat uit een belletje naar Willy Dungl, zijn vaste fitnesstrainer. Want kan het fysiek überhaupt, zo'n rentree? Dungl twijfelt. Lauda heeft overgewicht en is bij lange na niet meer de atleet die hij voorheen was. Er moeten behoorlijke trainingsschema's aan te pas komen en dan nog zal het een aardige kluif worden. Maar juist dan komt het mentale aspect om de hoek kijken: Lauda begint maniakaal te trainen en ziet resultaat. Gaandeweg groeit het vertrouwen, fysiek kan het in zijn ogen nog.

Maar daarmee zijn we er nog niet. Want zonder auto wordt het lastig. Ook voor Lauda. En wie durft hem na zijn 'break' nog een kans te geven? De man is na zijn crash op de Nürburgring sowieso al een medisch wonder en dit komt er nog even bij. Wie is zo gek? Het antwoord luistert naar de naam Ron Dennis. De Brit had in 1979 een BMW Procar-deelname voor Lauda geregeld en heeft nadien contact gehouden. Hij heeft Lauda zelfs al eens gepolst voor een F1-comeback, maar tevergeefs. Ditmaal heeft hij meer succes. Dennis heeft zich inmiddels opgewerkt tot de McLaren-top en gelooft nog altijd heilig in een rentree van Niki. Beide heren vinden elkaar nu wel.

Dat gebeurt om precies te zijn tijdens de Italiaanse Grand Prix op het Autodromo Nazionale di Monza. Lauda ziet McLaren-rijder John Watson ongenadig hard crashen met de MP4/1, maar raakt er niet van in de war. Sterker nog: het zien van die klap bevestigt juist zijn bereidheid om zelf ook weer risico's te nemen. Als Dennis hem vraagt om de auto die momenteel in brokken ligt te testen, stemt Lauda toe. Drie dagen later kruipt hij op Donington Park al achter het stuur.

De Oostenrijker geniet van die test, maar komt ook van een koude kermis thuis. Fysiek blijkt het nog niet goed genoeg. "Ik had niet eens de kracht om drie rondjes achter elkaar te rijden", liet hij later optekenen in zijn boek. "Na twee ronden kwam ik de pits in om te vragen of ze even naar de auto wilden kijken." Het ging om een afleidingsmanoeuvre, om gezichtsverlies te voorkomen. "Maar inwendig schaamde ik me voor het enorme gebrek aan conditie. Toch maakte ik me geen zorgen. Ik wist namelijk dat Willy mij binnen een paar maanden net zo fit kon krijgen als die andere coureurs."

Waar het fysiek tegenvalt, is de pure snelheid er nog wel. Lauda weet de rondetijden van Watson te benaderen. Het wekt al snel interesse van Williams en Brabham, die Lauda ook graag eens in hun bolides aan het werk zien. Tot ontsteltenis van Dennis. "Toen ik na zijn test terugreed naar Londen wist ik meteen dat hij een comeback zou maken. Ik wist alleen nog niet of het bij ons zou zijn", duidt hij op de interesse van rivalen. Hoe dan ook: het eerste deel van zijn quote blijkt niet veel later te kloppen. In oktober komt het hoge woord eruit. Lauda kondigt samen met zijn persoonlijke sponsor Parmalat aan terug te keren in de Formule 1.

Op dat moment wordt er nog niet bijgezegd in dienst van welk team. Dat komt onder meer doordat er achter de schermen een politiek spelletje gaande is. Vanzelfsprekend over geld. McLaren is bereid om diep in de buidel te tasten, maar hoofdsponsor Philip Morris (Marlboro) niet. Bij de tabaksproducent twijfelt men over de fysieke gesteldheid en dus over de competitiviteit van Lauda. Laatstgenoemde stelt dat zijn marketingwaarde dermate groot is dat alle sportieve zorgen er niet toe doen. Om de laatste twijfels weg te nemen, stelt Lauda dat hij binnen drie raceweekenden weer meedoet om de zege. Philip Morris geeft echter niet toe en blijft aandringen op een contract voor drie races, daarna zou men wel verder kijken.

Des te meer omdat begin 1982 alle ogen op Lauda gericht zijn, zo weet ook de hoofdrolspeler zelf: "Mensen zeggen dat comebacks nooit succesvol zijn. Maar dat is voor mij juist een extra drijfveer om het te doen." En toch verloopt het begin met horten en stoten. Zo wordt Lauda er met een crash op Paul Ricard - tijdens een test, door een kapotte achterwielophanging - aan herinnerd dat de gevaren nog altijd onverminderd groot zijn. Met een vierde plaats in Kyalami en een DNF op het circuit van Jacarepaguá is zijn rentree sowieso nog niet verbluffend te noemen. Tegelijkertijd is de potentie al wel zichtbaar, er is hoop op nieuwe glorietijden.

Die hoop wordt uitgerekend tijdens de derde wedstrijd - de laatste van zijn contract - werkelijkheid. De Formule 1 brengt dat weekend een bezoek aan Long Beach, voor de eerste van maar liefst drie GP's in de Verenigde Staten. Op het verraderlijke en hobbelige stratencircuit komt het vakmanschap van Lauda pas echt goed tot zijn recht. Hij grijpt zaterdag net naast pole-position, die eer gaat voor het eerst (en laatst) naar Andrea de Cesaris. Maar Lauda speelt het wel slim. Hij bewaart bewust een ongebruikt setje banden voor de race en heeft met P2 een prima uitgangspositie te pakken.

Het zou een dag later blijken, de glorie lonkt. Op zondag blijft Lauda, onder het toeziend oog van maar liefst 82.000 toeschouwers, ijzig koel. Dat is nodig ook. Achter de sterk vertrokken De Cesaris is de openingsfase namelijk hectisch. René Arnoux komt langszij en niet veel later dreigt Bruno Giacomelli hetzelfde te doen. De Alfa-coureur vergaloppeert zich echter en verandert het circuit van Long Beach even in een bowlingbaan. Hij kegelt zichzelf en ook Arnoux uit de wedstrijd. Lauda blijft buiten schot en krijgt zodoende P2 in de schoot geworpen.

Na deze inleidende beschietingen schiet de Oostenrijker pas echt in gang. Hij weet als geen ander te doseren. Met zijn McLaren loopt hij ronde voor ronde in en slaat hij toe op het moment dat De Cesaris wordt opgehouden door een achterblijver. Het zou de beslissende manoeuvre blijken. Terwijl De Cesaris meer en meer remproblemen krijgt en zijn auto uiteindelijk in de muur parkeert, zet Lauda stoïcijns door. Hij is los. Doordat de belagers één voor één wegvallen, geniet Lauda zelfs een voorsprong van zo'n vijftig seconden op Keke Rosberg. Comfortabel. Door een minder tweede helft slinkt die voorsprong weliswaar tot veertien tellen, maar ach: een kniesoor die daarom maalt.

Winst is winst. En al helemaal in dit geval. Lauda heeft alle criticasters de mond gesnoerd. En daar ging het om. Te beginnen met Philip Morris. Het mag dan ook geen verrassing heten: rap na deze zegetocht is het bedrijf om en gaat de opzet met tijdelijke contracten in de prullenbak. Lauda krijgt een contract voor het hele seizoen aangeboden. Een vorstelijk aanbod bovendien. Naar verluidt bedraagt het jaarsalaris zo'n drie miljoen pond, zeker in die tijd een ongekend bedrag. Maar de Weltmeister uit Wenen maakt het andermaal waar. Helemaal als hij in 1984 een derde en laatste wereldtitel aan zijn palmares toevoegt. Een jaar later volgt het allerlaatste kunstje in de koningsklasse, zijn afsluitende F1-zege in Zandvoort. Noem het een eresaluut. De comeback is daarmee geslaagd te noemen. Of zoals Lauda het zelf zou hebben samengevat: "Ich ziehe meine Kappe."

Door: Ronald Vording

gerelateerd

Reacties

Meer nieuws

  1. zaterdag 30 mei 2020

  2. vrijdag 29 mei 2020

  3. donderdag 28 mei 2020