Retro: Jacques Villeneuve, meer dan criticaster en F1-kampioen

Retro: Jacques Villeneuve, meer dan criticaster en F1-kampioen

9 april 2020 – Jacques Villeneuve viert vandaag zijn 49ste verjaardag. De Canadees staat te boek als F1-wereldkampioen van 1997 en misschien nog wel meer als de criticaster die hij na zijn actieve carrière is geworden. Maar het rijke palmares van hem laat meteen zien: Villeneuve is veel meer dan dat. Bijvoorbeeld winnaar van The Greatest Spectacle in Racing, de Indy 500. Dit jaar 25 jaar geleden.



Laat de naam Villeneuve bij een willekeurige Nederlander vallen en grote kans dat het gesprek één van de volgende twee kanten opgaat: ofwel zijn kritiekpunten op Max Verstappen ofwel de Europese Grand Prix van 1997 komt aan bod. Veel liefhebbers weten immers nog wel hoe in Jerez drie coureurs dezelfde tijd noteerden tijdens de kwalificatie. En hoe Schumacher een dag later zijn grootste concurrent van de baan probeerde te kegelen, om zo de wereldtitel te pakken. Maar in tegenstelling tot enkele jaren eerder mislukte het plannetje. Niet Villeneuve, maar enkel Schumacher eindigde in het grind. De wereldtitel was daarmee voor Villeneuve, in pas zijn tweede F1-seizoen. Een jongensdroom was verrassend snel in vervulling gegaan.

Als dertienjarige jongen - relatief laat om te beginnen - sprak Villeneuve de wens uit om in de voetsporen van zijn vader te treden. U weet wel: Gilles Villeneuve, zesvoudig racewinnaar en vicewereldkampioen in 1979. Moederlief antwoordde dat Jacques eerst maar eens zijn cijfers voor wiskunde moest opkrikken en dat men daarna wel verder zou kijken. En zo geschiedde. De schoolresultaten werden beter en belofte maakte nou eenmaal schuld: die kart moest en zou er dus komen. Villeneuve senior mocht deze eerste schreden van zoonlief in de autosport al niet meer meemaken. Gilles Villeneuve stierf in 1982 in het harnas, tijdens de kwalificatie voor de Belgische GP in Zolder. Drie jaar na dato maakte Jacques zijn eerste meters in een kart op Imola.

Nog geen succes in Europa, eerst The American Dream

De overlevering wil dat de eigenaren van dat circuit enorm onder de indruk waren van wat die jonge Canadees in zijn 100cc-kart klaarspeelde. De vervolgstappen konden niet uitblijven en voerden hem via wat serieuzere karts terug naar Italië. Naar het Italiaanse F3-kampioenschap. Villeneuve was met zeventien jaar echter nog niet oud genoeg om een Canadese dan wel Italiaanse racelicentie te verkrijgen. Maar ach: een beetje creatief boekhouden deed wonderen. Het leverde hem een licentie uit Andorra op. Villeneuve kon racen en daar ging het om. Toch zou zijn periode bij Prema geen doorslaand succes worden. Sterker nog: na drie seizoenen ploeteren, verliet hij Italië en zocht hij zijn heil in Azië, met meer resultaat.

In diezelfde periode verleidde zakenman Graig Pollock hem ook tot een terugkeer naar Noord-Amerika. Het begon met een gastoptreden in de Formula Atlantic, maar zou veel meer worden dan dat. Verlost van het juk van de Europese opstapklassen, kwam Villeneuve namelijk tot bloei. Oké, een wildebras was hij nog altijd. Het leidde er bijvoorbeeld toe dat hij ondanks vijf overwinningen en zeven poles naast de Formula Atlantic-titel greep in 1993. Maar ach, dat was eigenlijk bijzaak.

Want een wildebras of niet, de potentie was in dat ene jaar wel zichtbaar geworden. Vooral aan de kant van de plas, in Europa kreeg Villeneuve nog maar weinig handen op elkaar. Het is dan ook niet verrassend dat zijn vervolgstap in Amerika lag, in Europa zou hij pas later floreren. Pollock bezorgde hem eerst een zitje in het CART-kampioenschap, één van de voorlopers van de huidige IndyCar Series. Zijn CV was voor een rookie niet echt imponerend, maar dat bleek niet problematisch. De entree in 1994 was namelijk sensationeel: een tweede plek bij zijn debuut in de Indy 500, het rookie-kampioenschap en als klap op de vuurpijl ook nog een eerste zege op Road America.

De toon was gezet, de naam gevestigd. Allemaal leuk en aardig, maar het had ook een keerzijde. Het betekende dat de druk voor 1995 vele malen hoger zou liggen. Het 'mogen' was 'moeten' geworden. Maar Villeneuve bezweek niet. Ook niet op de Brickyard voor The Greatest Spectacle in Racing: de Indy 500 dus, zijn tweede deelname. Het moest voor Villeneuve hét hoogtepunt van het jaar worden. En waarom ook niet? De Indianapolis Motor Speedway lag hem goed, de auto was competitief en Villeneuve was geen rookie meer. Alle ingrediënten voor succes waren dus aanwezig.

Of is dat iets te kort door de bocht? In de openingsfase ging het namelijk mis. Kolderiek mis. Met een 'rookie mistake' leek hij zijn kansen te verkwanselen. Na een incident met Arie Luyendyk en Scott Sharp moest de 'pace car' er namelijk aan te pas komen. Bestuurder Jim Perkins kreeg als schone taak mee om de leider op te pakken, geen sinecure in een nogal rommelige fase. Zo wist de leider zelf niet eens dat hij het veld op dat moment aanvoerde. De coureur in kwestie? Juist, Villeneuve. De Canadees zette stoïcijns door en reed de pace car tot tweemaal toe straal voorbij. Best grappig, maar de wedstrijdleiding dacht daar iets anders over 'A two-lap penalty' luidde het verdict. Van leider in de wedstrijd werd Villeneuve ineens teruggeworpen naar de achterhoede.

"Ik was op dat moment echt furieus", blikt de hoofdrolspeler tegenover GPUpdate.net terug. "De bestuurder van de pace car had ook niet eens moeite gedaan om mij te stoppen. Bovendien was de situatie heel chaotisch en wist niemand echt zeker wie de leiding in handen had." Tegelijkertijd ging er ook een andere gedachte door zijn hoofd. "Ik vond het ongelooflijk knullig om de Indy 500 op die manier weg te gooien. Ik bedoel: kom op, het was voor mij de allerbelangrijkste race ter wereld."

Alle risico's nemen voor een onverwachte zege

Aangezien men niets meer te verliezen had, besloten Villeneuve en zijn team het rigoureus over een andere boeg te gooien. Risico nemen en het liefst zoveel mogelijk. In dat praktijk betekende dit overstappen op andere banden. "Ik weet nog goed dat Goodyear dat jaar een soort experimentele band had meegenomen. Die band was nog nooit getest, iets dat tegenwoordig ondenkbaar is. Maar goed: we zouden die compound aan het eind van de race gebruiken. Maar door mijn straf moesten we onze plannen wijzigen en besloten we die banden meteen te pakken." Het bleek een gouden greep, een lot uit de loterij. "Het waren net kwalificatiebanden, de grip was ongelooflijk. Ik kon dicht achter andere auto's rijden, in vuile lucht dus, en de balans bleef perfect. Zelfs met snelheden van boven de 360 kilometer per uur."

Gewapend met deze 'superbanden' zette Villeneuve een furieuze inhaaljacht in. "Ik nam alle risico's. Op een gegeven moment had ik de auto zelfs volledig dwars staan in de tweede bocht. Ik zag de muur op me af komen en weet nog steeds niet hoe ik niets heb geraakt. Dat was misschien wel de beste drift uit mijn carrière", vervolgt hij met een lach. Maar hoe hij het deed, deed hij het. Villeneuve hield het materiaal heel en wist zich wonder boven worden weer op de voorposten te melden. Zelfs zozeer dat hij ruim tien ronden voor het einde, bij een nieuwe Full Course Yellow, op de tweede plek reed. De enige auto voor hem werd bestuurd door zijn landgenoot Scott Goodyear. "Ik wist dat hij sneller was. Dus ik zei eerst tegen mezelf 'oké ik word voor het tweede jaar op rij tweede, dat is ook goed'. Maar opeens bekroop me een andere gedachte en besloot ik er toch vol voor te gaan."

Deze knop in het hoofd omzetten is één ding, maar het waarmaken een tweede. Juist omdat Goodyear in zijn Honda-aangedreven bolide sneller was, moest Villeneuve een list bedenken. "Ik besloot hem vol onder druk te zetten, zelfs toen we nog achter de pace car reden. Ik kwam naast hem rijden, liet vervolgens een gat vallen om daarna weer vol op het gas te gaan. Om te reageren, gaf hij ook vol gas. Maar de pace car reed er nog voor. Ik trapte hard op de rem, maar hij schoot de pace car voorbij nog voordat de groene vlag werd gezwaaid. En ik wist precies wat de regel was: je mocht de pace car nooit of te nimmer voorbij. Ik hoopte dus dat de wedstrijdleiding het had gezien en hem zou bestraffen. Niet veel later gebeurde dat ook, mijn plannetje had gewerkt. Het was een enorme gok, maar het betaalde zich uit. Ik won."

Het klinkt als een uiterst merkwaardige manier om de Indy 500 te winnen, maar de ontlading was er na afloop niet minder om. "Nee. Want het was een verschrikkelijk moeilijke race, daardoor smaakte deze overwinning alleen maar zoeter voor mij. Zonder de straf die ikzelf in het begin kreeg, had ik de Indy 500 waarschijnlijk ook helemaal nooit gewonnen. Dan hadden we echt niet zo veel risico's genomen." Met deze zege was zijn nog prille carrière eigenlijk al geslaagd. Maar het zou nog veel mooier worden. Later dat jaar pakte hij namelijk ook het CART-kampioenschap. Twee jaartjes later zou er nog een andere titel volgen. Weer eentje die met enige controverse werd binnengesleept, maar dan in de Formule 1. Maar goed: dat is weer een heel ander verhaal, eentje waar de familie Schumacher waarschijnlijk nog wel iets meer over weet.


gerelateerd

Reacties

Meer nieuws

  1. maandag 21 september 2020

  2. zondag 20 september 2020

  3. zaterdag 19 september 2020